Guido Geelen (Thorn, 1961) maakt sculpturen die zijn opgebouwd uit
reproducties van uiteenlopende gebruiksvoorwerpen: autobanden, stofzuigers,
televisies, radio’s,telefoons en computers. Maar ook honden, een hertengewei,
de schedel van een koe, varken, een boom of het lichaam van de mens vormen
zijn inspiratiebronnen.
De beelden van Guido Geelen, in deze tentoonstelling van gebakken klei,
verwijzen naar traditionele vormen en functies van aardewerk. Hij gebruikt
ambachtelijke maar ook industriële technieken. Soms worden de beelden
geglazuurd, soms gebruikt hij afgedankte gietvormen uit de industrie of
transfers: een soort plakplaatjes waarmee in aardewerkfabrieken afbeeldingen
op aardewerk worden aangebracht. Zo brengt Geelen kitscherige afbeeldingen van
bloemen, dieren en schepen op zijn werk aan, verwerkt hij Delfts Blauwe tegels
in zijn beelden en maakt eind jaren ’80 vazen die niets van de traditionele
bloemenvaas hebben, maar wel verwijzen naar de oud-Hollandse traditie van de
Delfts-blauw tulpenvaas.
Een variatie hierop vormen de vaasbeelden van op hun rug liggende honden. Uit
hun buik steken glazen laboratorium buizen voor bloemen. De honden zijn
expressief gemodelleerd. Sommige zien er vrolijk uit, maar roepen gelijktijdig
heel andere associaties op. De beelden, gemaakt van Limburgse klei, bedekt
Geelen met een glanzend platinaluster waarin de omgeving reflecteert. Ook
hertengeweien, koeien-en varkensschedels, boomstronken en vaasvormen krijgen
zo een nieuwe dimensie.
De laatste jaren werkt Geelen niet alleen in klei maar ook in brons en
aluminium. Stofzuigers, urinoirs, telefoons wastafels, Goudse pijpen en
stukken hout worden afgegoten en samengevoegd. De gietkanalen die anders na
het gietproces worden weggezaagd, laat Geelen intact. Zo maakt hij het
giet-procédé inzichtelijk en ontstaan, schijnbaar tegenstrijdig, chaotische
sculpturen van brons en aluminium. Daarnaast maakt Geelen levensgrote dieren,
koeien, kippen en varkens, van aluminium, soms bedekt met bladgoud. Ook hier
zijn de gietkanalen blijven zitten.
In zijn recente werk de anatomische les, een levensgroot vaasbeeld van de
menselijke figuur klinkt een memento mori door. Geelen heeft zijn vingers in
de terracotta klei gezet en het menselijke lichaam opgedeeld in hoofd, romp,
armen, onderlijf, benen en voeten. Uit de lichaamsdelen steken glazenbuizen
waarin bloemen staan. Zo wordt het beeld letterlijk en figuurlijk een
stil-leven.
Chaos en ordening, verstilling en beweeglijkheid, het spel van licht en
schaduw, het onverwachte en het bizarre, eenvoud en complexiteit,
ambachtelijkheid en industrialisatie komen in dit beeld van rode aarde samen
en gaan een vanzelfsprekend verbond aan. Zo slaagt hij erin met gebakken klei
ruimtelijk werk te maken dat niet alleen refereert aan traditionele en
modernistische kunstopvattingen maar ook verwijst naar de tradities van de
keramiek.
Guido Geelen werkt en woont in Tilburg. Hij volgde zijn opleiding aan N.L.O.
Tehatex en de Academie voor Beeldende Vorming. In 2000 ontving Guido Geelen de
Dr.A.H.Heinekeprijs voor de kunst voor zijn onorthodoxe wijze waarop hij de
toepassing van het traditionele materiaal klei een vernieuwende impuls heeft
gegeven. Zijn werk is vertegenwoordigd in vele bedrijfs-, museum en
particuliere collecties. Stedelijk Museum Amsterdam, De Pont Tilburg en Museum
Boijmans van Beuningen Rotterdam exposeerden zijn werk.