De vrijheid om te schilderen wat hij wil, is voor Martijn Lucas van Erp erg
belangrijk. Zijn eigen fantasie speelt daarbij een grote rol. Dat betekent
echter niet dat Van Erp alles schildert wat in hem op komt. Integendeel. Zijn
expressionistische schilderijen laten telkens een persoonlijke en kritische
visie op het (verstedelijkte) landschap zien. Maar of hij nu kiest voor een
Japanse boom in bloesem of een hectische stad vol wolkenkrabbers, Van Erp weet
ze in een zelfde mysterieuze schoonheid te vatten. Met ritmische herhalingen
van beeldelementen brengt hij beweging in zijn werk. Het is alsof een zuigende
kracht je naar binnen trekt. Van Erps schilderijen zijn figuratief, maar
vertellen desondanks geen concreet verhaal. Belangrijker is de symbolische,
emotionele waarde van de gebruikte kleuren en van de manier van schilderen.
Dat betekent dat je de schilderijen van Van Erp moet ervaren, niet lezen.
Onlangs verruilde Van Erp zijn donkere atelier voor een woning met grote ramen
en een boomrijk uitzicht. De rust en het licht van zijn nieuwe werkplek hadden
een direct effect op zijn landschappen. In zijn eerdere schilderijen gebruikt
hij veel donkere kleuren. Met duidelijke penseelstreken en flinke klodders
verf zet Van Erp ze op het doek. Aan de horizon of tussen de bomen door kleurt
een mystiek licht. Het laat zijn doeken van binnenuit gloeien. En dan
plotseling is er een heel ander soort licht in zijn schilderijen te zien. Met
transparante wit- en grijstinten schildert Van Erp ijle luchten boven een
stad. Het is alsof het daglicht net om de hoek komt kijken en je nog niet
helemaal heeft gewekt. Een soort twilight-zone. Zijn techniek lijkt zich
feilloos aan te passen aan het licht. Hier geen pasteus verfgebruik, maar een
flinterdunne penseelstreek. Een duidelijker bewijs van het effect dat daglicht
op een schilder kan hebben, is er niet.
Van Erp's voornaamste inspiratiebron was tot een aantal maanden geleden zijn
eigen fantasie. Sinds kort zijn er echter ook externe invloeden op zijn werk.
Vooral afbeeldingen uit de National Geographic spreken tot zijn verbeelding.
Reportages bijvoorbeeld waar de kracht van de natuur tot uiting komt, zoals
The miracle of star birth. Maar ook metropolen als Buenos Aires en Boston met
een wir war aan lichtbronnen, wegen en wolkenkrabbers. Soms komen de twee
typen landschappen samen in een doek. Dan laat van Erp de tijdloze schoonheid
van het landschap harmonieus samensmelten met de hedendaagse sporen van
verstedelijking en industrialisatie. Ook fantasie en werkelijkheid lopen
steeds vaker door elkaar heen. Is de eerste opzet soms naar een duidelijk
voorbeeld, al snel neemt zijn fantasie de overhand. ‘Uiteindelijk vind ik het
toch avontuurlijker om naar eigen idee te schilderen’.
Martijn Lucas van Erp (18-11-1975 Heerlen) studeerde in 2000 af aan de
Academie Beeldende Kunsten (ABK) in Maastricht. In 2000 en 2004 werd hij voor
genomineerd voor de Parkstad Limburg Prijs. Hij nam deel aan verschillende
groepstentoonstellingen in o.a. Museum Het Domein in Sittard, Museum Van
Bommel Van Dam in Venlo en Galerie Jan van Hoof in Den Bosch. In 2004 ontving
hij een startstipendium van het Fonds BKVB.