Header for print stylesheet
You are here:  

Managing Board's regulations

Inleiding

0.1 Dit Reglement is opgesteld ingevolge artikel 19.3 van de statuten van de Vennootschap.

0.2 Dit Reglement is een aanvulling op de bepalingen omtrent de RvB en zijn leden zoals vervat in toepasselijke wet- en regelgeving, de statuten van de Vennootschap en de regels met betrekking tot de relatie tussen de RvC en de RvB die zijn neergelegd in het Reglement van de RvC.

0.3 Dit Reglement wordt op de website van de Vennootschap geplaatst.

0.4 De betekenis van een aantal, al dan niet met een hoofdletter geschreven, begrippen die in dit Reglement worden gehanteerd, is weergegeven in de Begrippenlijst die is opgenomen in Bijlage 1.

Hoofdstuk 1
Samenstelling RvB; functies

1. Samenstelling; taakverdeling

1.1 De leden van de RvB worden benoemd door de AvA. De RvC draagt één of meer kandidaten voor benoeming voor.

1.2 Leden van de RvB die na 1 januari 2004 worden benoemd, worden benoemd voor een periode van telkens maximaal vier jaar.

1.3 De leden van de RvB treden periodiek af volgens het rooster van aftreden dat is opgesteld door de RvC om zoveel mogelijk te voorkomen dat veel leden van de RvB tegelijk aftreden.

1.4 Het aantal leden van de RvB wordt vastgesteld door de RvC, na overleg met de voorzitter van de RvB.

1.5 Individuele leden van de RvB kunnen in het bijzonder worden belast met bepaalde onderdelen van de bestuurstaak, onverminderd de collectieve verantwoordelijkheid van de RvB als geheel. De RvB blijft collectief verantwoordelijk voor besluiten, ook indien deze zijn voorbereid door individuele leden van de RvB. Een individueel lid van de RvB kan slechts die bevoegdheden uitoefenen die de RvB uitdrukkelijk aan hem heeft toegekend of gedelegeerd en hij kan nimmer bevoegdheden uitoefenen die verder strekken dan de bevoegdheden die de RvB als geheel kan uitoefenen.

1.6 De verdeling van taken binnen de RvB wordt bepaald (en zonodig gewijzigd) door de RvB, onder goedkeuring van de RvC. De leden van de RvB die speciaal zijn belast met bepaalde bestuurstaken zijn primair verantwoordelijk voor de risicobeheersing en de monitoring van de betreffende bestuurstaken.

1.7 Ieder lid van de RvB dient de andere leden van de RvB duidelijk en tijdig te informeren omtrent de wijze waarop hij van gedelegeerde bevoegdheden gebruik heeft gemaakt en belangrijke ontwikkelingen op het gebied dat valt onder zijn verantwoordelijkheid.

2. Voorzitter van de RvB

2.1 De RvC benoemt één van de leden van de RvB tot voorzitter van de RvB.

2.2 Binnen de RvB is de voorzitter van de RvB primair verantwoordelijk voor:

(a) het opstellen van een agenda en het voorzitten van vergaderingen van de RvB;

(b) het zorgen dat de RvB functioneert en beslissingen neemt als collectief;

(c) het bepalen of een voorgesteld besluit voor stemming dient te worden voorgelegd aan de RvB;

(d) het zorgen dat genomen besluiten in overeenstemming zijn met de strategie die moet leiden tot het realiseren van de doelstellingen van de Vennootschap als bedoeld in artikel 6.1 van dit Reglement;

(e) het toezicht houden op de uitvoering van genomen besluiten en het bepalen of nader overleg binnen de RvB omtrent de uitvoering geboden is; en

(f) het voeren van ad hoc overleg met leden van de RvB omtrent hun onderscheiden taken.

2.3 Binnen de RvB is de voorzitter van de RvB verder met name verantwoordelijk voor de volgende zaken met betrekking tot de relatie tussen de RvB en de RvC:

(a) het aanwijzen van de leden van de RvB die namens de RvB overleg voeren met Commissies van de RvC;

(b) het indienen van een voorstel voor de agenda en het voorbereiden van vergaderingen van de RvC in overleg met de voorzitter van de RvC en ondersteund door de secretaris van de Vennootschap;

(c) het zorgen dat de RvC van alle informatie wordt voorzien die nodig is voor de juiste uitoefening van zijn taken;

(d) het toezicht houden op en het zorgen voor de communicatie van de RvB met de RvC;

(e) het voeren van regelmatig overleg met de voorzitter van de RvC en het voeren van overleg met andere leden van de RvC indien zulks noodzakelijk of wenselijk wordt geacht;

(f) het beoordelen van verzoeken van leden van de RvB om met bepaalde leden van de RvC te overleggen omtrent een gebied waarin deze deskundig zijn; en

(g) het deelnemen aan vergaderingen met de auditcommissie van de RvC en het lid van de RvB belast met financiële zaken als omschreven in artikel 3.3 van dit Reglement.

2.4 De voorzitter van de RvB wordt bij de organisatie van de zaken omschreven in de artikelen 2.2 en 2.3 bijgestaan door de secretaris van de Vennootschap.

2.5 De RvC wijst een van de leden van de RvB aan als vice-voorzitter. Bij afwezigheid van de voorzitter vervangt de vice-voorzitter de voorzitter en neemt zijn taken en verantwoordelijkheden op zich.

3. Lid van de RvB belast met financiële zaken

3.1 De RvB benoemt één van de leden van de RvB tot lid van de RvB belast met financiële zaken.

3.2 Binnen de RvB is het lid van de RvB belast met financiële zaken met name verantwoordelijk voor:

(a) het formuleren en communiceren van de financiële strategie van de Vennootschap;

(b) het houden van toezicht op en het zorgdragen voor de integriteit van de boekhouding van de Vennootschap;

(c) de financiële verslaglegging van de Vennootschap; en

(d) het uitvoeren van overige hiermee verband houdende taken, zoals deze van tijd tot tijd door de RvB worden vastgesteld.

3.3 Binnen de RvB is het lid van de RvB belast met financiële zaken verder met name verantwoordelijk voor deelname, indien daartoe verzocht, aan vergaderingen van de auditcommissie van de RvC en de voorzitter van de RvB waarin aan de orde komen:

(a) de integriteit van de financiële verslaggeving van de Vennootschap (inclusief doch niet beperkt tot de keuze van accounting policies, de toepassing en beoordeling van de effecten van nieuwe regelgeving, informatie over de behandeling van geschatte posten in de jaarrekening en prognoses);

(b) de kwalificaties, onafhankelijkheid, bezoldiging en niet-controlewerkzaamheden van de externe accountant ten behoeve van de Vennootschap (zonder te dien aanzien afbreuk te doen aan de verantwoordelijkheden van de auditcommissie van de RvC op financieel, boekhoudkundig en fiscaal terrein);

(c) de taakvervulling door de externe accountant;

(d) het systeem van interne bedrijfscontroles (inclusief doch niet beperkt tot de resultaten van de interne risicobeheersings- en controlesystemen);het proces van financiële verslaggeving;

(e) the system of internal business controls (including but not limited to the effect of internal risk managing and control systems);

(f) de naleving door de Vennootschap van wet- en regelgeving en toepasselijke gedragscodes op financieel, boekhoudkundig en fiscaal terrein;

(g) de naleving door de Vennootschap van de aanbevelingen van de externe accountant en de Corporate Operational Audit (COA) afdeling van de Vennootschap;

(h) de financiering van de Vennootschap en daarmee samenhangende strategieën; en

(i) de belastingplanning van de Vennootschap.

4. Secretaris van de Vennootschap 

4.1 De RvB wordt bijgestaan door de secretaris van de Vennootschap, die wordt benoemd door de RvB onder goedkeuring van de RvC. De secretaris van de Vennootschap kan worden ontslagen door de RvB na verkregen goedkeuring van de RvC.

4.2 Alle leden van de RvB hebben toegang tot advies van en dienstverlening door de secretaris van de Vennootschap.

4.3 De secretaris van de Vennootschap ziet erop toe dat juiste procedures worden gevolgd en dat wordt gehandeld in overeenstemming met de wettelijke en statutaire verplichtingen van de RvB. De secretaris van de Vennootschap assisteert de voorzitter van de RvB bij de organisatie van zaken betreffende de RvB (het voorbereiden van vergaderingen, verslaglegging van vergaderingen, informatie, etc.). De secretaris van de Vennootschap is als zodanig tevens secretaris van de RvB.

4.4 De secretaris van de Vennootschap kan zijn taken uit hoofde van dit Reglement, of onderdelen daarvan, delegeren aan een door hem in overleg met de voorzitter van de RvB benoemde plaatsvervanger.

4.5 De secretaris van de Vennootschap verricht tevens werkzaamheden voor de RvC, zoals voorzien in het Reglement van de RvC.

Hoofdstuk 2
Taken en bevoegdheden

5. Algemene taken en bevoegdheden

5.1 De RvB is belast met het besturen van de Vennootschap, hetgeen onder meer betekent dat de RvB verantwoordelijk is voor het opstellen en realiseren van de doelstellingen van de Vennootschap, de strategie en het beleid en de daaruit voortvloeiende resultatenontwikkeling. De RvB legt hierover verantwoording af aan de RvC en de AvA. De verantwoordelijkheid voor het besturen van de Vennootschap berust bij de RvB als collectief.

5.2 De RvB is verantwoordelijk voor de naleving van alle relevante wet- en regelgeving, het beheersen van de risico’s verbonden aan de ondernemingsactiviteiten en voor de financiering van de Vennootschap. De RvB rapporteert hierover aan en bespreekt de interne risicobeheersings- en controlesystemen met de RvC en de auditcommissie van de RvC. 

5.3 Bij de uitvoering van zijn taken dient de RvB te handelen in overeenstemming met de belangen van de Vennootschap en de met haar verbonden onderneming en weegt daartoe de in aanmerking komende belangen van bij de Vennootschap betrokkenen af. 

5.4 De RvB is zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn functioneren.

5.5 De leden van de RvB nemen naar buiten toe overeenstemmende standpunten in met betrekking tot belangrijke zaken, principekwesties en zaken van algemeen belang, met inachtneming van de verantwoordelijkheid van de individuele leden van de RvB.

5.6 De RvB is samen met de RvC verantwoordelijk voor de corporate governance structuur van de Vennootschap en de naleving van de Nederlandse Corporate Governance Code. 

5.7 De RvB draagt er zorg voor dat werknemers zonder gevaar voor hun rechtspositie de mogelijkheid hebben te rapporteren over vermeende onregelmatigheden van algemene, operationele en financiële aard binnen de Vennootschap aan de voorzitter van de RvB of een door deze daartoe aangewezen functionaris. Vermeende onregelmatigheden betreffende het functioneren van leden van de RvB worden gerapporteerd aan de voorzitter van de RvC. Deze klokkenluidersregeling wordt op de website van de Vennootschap geplaatst. 

5.8 Alle transacties tussen de Vennootschap en natuurlijke of rechtspersonen die ten minste 10% van de aandelen in de Vennootschap houden dienen te worden overeengekomen op voorwaarden die gebruikelijk zijn voor marktconforme transacties in de branche waarin de Vennootschap en haar dochtermaatschappijen actief zijn. Besluiten tot het aangaan van transacties waarbij tegenstrijdige belangen bij dergelijke personen spelen die van materiële betekenis zijn voor de Vennootschap en/of dergelijke personen vereisen de goedkeuring van de RvC. 

5.9 De RvB voert zijn werkzaamheden uit onder toezicht van de RvC.

6. Strategie en risico’s

6.1 De RvB stelt op, legt vast en legt ter goedkeuring aan de RvC voor: (i) de operationele en financiële doelstellingen van de Vennootschap; (ii) de strategie die moet leiden tot het realiseren van de doelstellingen; en (iii) de randvoorwaarden die bij de strategie worden gehanteerd, bijvoorbeeld ten aanzien van de financiële ratio's. 

6.2 De RvB is er verantwoordelijk voor dat de Vennootschap interne risicobeheersings- en controlesystemen heeft die zijn toegesneden op de Vennootschap. De RvB hanteert in elk geval de volgende instrumenten bij deze interne risicobeheersings- en controlesystemen:

(a) risicoanalyses met betrekking tot de verwezenlijking van de operationele en financiële doelstellingen van de Vennootschap;

(b) een gedragscode, die op de website van de Vennootschap wordt geplaatst;

(c) handleidingen voor de inrichting van de financiële en management verslaggeving en de voor de opstelling daarvan te volgen procedures; en

(d) een systeem van monitoring en rapportering.

7. Financiële verslaggeving; jaarrekening en jaarverslag

7.1 De RvB is verantwoordelijk voor de kwaliteit en volledigheid van de openbaar gemaakte financiële berichten. Het opstellen en de publicatie van het jaarverslag, de jaarrekening, de kwartaal- en halfjaarcijfers en ad hoc financiële informatie vergen zorgvuldige interne procedures. De RvB is verantwoordelijk voor het instellen en handhaven van interne procedures die ervoor zorgen dat alle belangrijke financiële informatie bij de RvB bekend is, zodat de tijdigheid, volledigheid en juistheid van de externe financiële verslaggeving wordt gewaarborgd. Vanuit dit oogpunt zorgt de RvB ervoor dat de financiële informatie uit ondernemingsdivisies en/of dochtermaatschappijen aan hem wordt gerapporteerd, en dat de integriteit van de informatie niet wordt aangetast. 

7.2 De RvB maakt het jaarverslag en de jaarrekening binnen vijf maanden na het einde van het boekjaar openbaar.

7.3 De RvB zorgt ervoor dat de in Bijlage 2 omschreven informatie wordt opgenomen in het jaarverslag.

7.4 De Corporate Operational Audit (COA) afdeling functioneert onder de verantwoordelijkheid van de RvB (voorzitter). De RvB raadpleegt de externe accountant en de auditcommissie van de RvC bij het opstellen van het werkplan van de Corporate Operational Audit (COA) afdeling. De RvB zorgt ervoor dat de auditcommissie van de RvC en de externe accountant ook kennis nemen van de bevindingen van de Corporate Operational Audit (COA) afdeling.

8. Omgang met de externe accountant

8.1 De RvB zorgt ervoor dat de externe accountant zijn controlewerkzaamheden naar behoren kan uitoefenen en bevordert dat zowel zijdens de externe accountant als zijdens de Vennootschap adequate uitvoering wordt gegeven aan de rol en het beleid van de Vennootschap betreffende de externe accountant zoals voorzien bij of krachtens de overeenkomst met de externe accountant, dit Reglement, het Reglement van de RvC en het reglement van de auditcommissie.

8.2 De RvB rapporteert jaarlijks, en waar nodig tussentijds, aan de RvC over de ontwikkelingen in de relatie met de externe accountant, waaronder in het bijzonder zijn onafhankelijkheid (met inbegrip van de wenselijkheid van roulatie van verantwoordelijke partners binnen het kantoor van de externe accountant en de wenselijkheid of de externe accountant, die met de controle is belast, ook niet-controlewerkzaamheden verricht voor de Vennootschap).

8.3 De RvB maakt ten minste éénmaal in de vier jaar een grondige beoordeling van het functioneren van de externe accountant in de diverse entiteiten en capaciteiten waarin de externe accountant fungeert. De belangrijkste conclusies hiervan worden aan de AvA medegedeeld.

9. Omgang met de RvC

9.1 De voorzitter van de RvB is het eerste aanspreekpunt voor de voorzitter van de RvC.

9.2 Met betrekking tot het verschaffen van informatie aan en het uitoefenen van taken en bevoegdheden door de RvC en zijn leden en Commissies handelen de RvB en zijn leden overeenkomstig hetgeen daaromtrent ten aanzien van de RvB en zijn leden is bepaald bij of krachtens dit Reglement, het Reglement van de RvC, reglementen van Commissies, de statuten van de Vennootschap en toepasselijke wet- en regelgeving.

10. Omgang met de aandeelhouders

10.1 De RvB en de RvC verschaffen de AvA alle relevante informatie die zij behoeft voor de uitoefening van haar bevoegdheden. 

10.2 De RvB en de RvC verschaffen de AvA alle door haar verlangde informatie, tenzij een zwaarwichtig belang van de Vennootschap zich daartegen verzet. Indien door de RvB en de RvC op een zwaarwichtig belang een beroep wordt gedaan, wordt dit beroep gemotiveerd toegelicht. 

10.3 Indien de wet of de statuten van de Vennootschap een goedkeuringsrecht aan de AvA verleent (bijvoorbeeld optieregelingen, ingrijpende besluiten als bedoeld in artikel 2:107a BW) of de RvB of de RvC een delegatie van bevoegdheden vraagt (bijvoorbeeld uitgifte van aandelen, machtiging tot inkoop van aandelen), lichten de RvB en de RvC de AvA door middel van een ‘aandeelhouderscirculaire’ in over alle feiten die relevant zijn voor de te verlenen goedkeuring, delegatie of machtiging. De aandeelhouderscirculaire wordt in elk geval vanaf de oproeping tot de AvA waarin het betrokken voorstel behandeld wordt tot de afloop van die vergadering op de website van de Vennootschap geplaatst. Zodanige aandeelhouderscirculaire kan de vorm hebben van een toelichting op de agenda van de AvA.

10.4 De leden van de RvB wonen de AvA bij, behoudens verhindering op grond van bijzondere omstandigheden.

10.5 De RvB en de RvC dragen er zorg voor dat elke substantiële wijziging in de corporate governance structuur van de Vennootschap of in de naleving door de Vennootschap van de Nederlandse Corporate Governance Code onder een apart agendapunt ter bespreking aan de AvA wordt voorgelegd. 

10.6 Het reserverings- en dividendbeleid van de Vennootschap (de hoogte en bestemming van reservering, de hoogte van het dividend en de dividendvorm) en eventuele wijzigingen daarin worden als apart agendapunt op de AvA behandeld en verantwoord. 

10.7 Een voorstel tot uitkering van dividend wordt als apart agendapunt op de AvA behandeld. 

10.8 De Vennootschap bepaalt een registratiedatum voor de uitoefening van stem- en vergaderrechten. 

10.9 De RvB en de RvC zorgen voor naleving van de toepasselijke wet- en regelgeving met betrekking tot de rechten van de AvA en de daarmee verband houdende rechten van individuele aandeelhouders.

10.10 Indien een serieus ondershands bod op een bedrijfsonderdeel of een deelneming waarvan de waarde de in artikel 2:107a, eerste lid, onderdeel c BW genoemde grens overschrijdt in de openbaarheid is gebracht, deelt de RvB zo spoedig mogelijk zijn standpunt ten aanzien van het bod, alsmede de motivering van dit standpunt, openbaar mede.

11. Omgang met analisten, financiële pers en institutionele en overige beleggers

11.1 De RvB, of in voorkomende gevallen de RvC, zal alle aandeelhouders en andere partijen op de financiële markt gelijkelijk en gelijktijdig informeren over aangelegenheden die invloed kunnen hebben op de koers van het aandeel. De contacten tussen de RvB enerzijds en pers en financieel analisten anderzijds worden zorgvuldig behandeld en gestructureerd, en de Vennootschap verricht geen handelingen die de onafhankelijkheid van analisten ten opzichte van de Vennootschap en vice versa aantasten. 

11.2 Groepsanalistenbijeenkomsten, groepsanalistenpresentaties, presentaties aan (institutionele) beleggers en persconferenties worden vooraf via de website van de Vennootschap en persberichten aangekondigd. Er zullen voorzieningen worden getroffen opdat alle aandeelhouders deze bijeenkomsten en presentaties gelijktijdig kunnen volgen, door middel van webcasting, telefoonlijnen of anderszins. 

11.3 Analistenrapporten en taxaties van analisten worden niet vooraf door de Vennootschap beoordeeld, van commentaar voorzien of gecorrigeerd anders dan op feitelijkheden. 

11.4 De Vennootschap verstrekt geen vergoeding(en) aan partijen voor het verrichten van onderzoek ten behoeve van analistenrapporten, noch voor de vervaardiging of publicatie van analistenrapporten over de Vennootschap, met uitzondering van credit rating bureaus. 

11.5 Analistenbijeenkomsten, presentaties aan (institutionele) beleggers en directe besprekingen met deze beleggers, vinden niet plaats kort voor de publicatie van de reguliere financiële informatie (kwartaalcijfers, halfjaarcijfers of jaarcijfers).

12. Website van de Vennootschap

De Vennootschap plaatst en actualiseert alle informatie die zij krachtens het op haar van toepassing zijnde vennootschapsrecht en effectenrecht dient te publiceren of deponeren, op een afzonderlijk – dat wil zeggen: gescheiden van de commerciële informatie van de Vennootschap – en als zodanig herkenbaar gedeelte van de website van de Vennootschap. Een lijst van informatie die in elk geval op de website dient te worden geplaatst is opgenomen in Bijlage 3. De Vennootschap kan volstaan met het aanbrengen van een hyperlink naar de website van de instellingen die op grond van wettelijke bepalingen of het beursreglement de betreffende informatie (ook) langs elektronische weg publiceren.

Hoofdstuk 3
Vergaderingen van de RvB; besluitvorming

13. Vergaderingen van de RvB

13.1 De RvB vergadert in beginsel wekelijks, of zoveel vaker als wenselijk of noodzakelijk wordt geacht voor een goed functioneren van de RvB door één of meer leden van de RvB. Vergaderingen van de RvB worden bijeengeroepen door de voorzitter van de RvB. Behoudens in spoedeisende gevallen, zulks ter beoordeling van de voorzitter van de RvB, wordt de agenda voor de vergadering ten minste twee kalenderdagen voor de vergadering toegezonden aan alle leden van de RvB. Ten aanzien van elk agendapunt wordt zoveel mogelijk schriftelijke uitleg verschaft en worden relevante stukken bijgevoegd.

13.2 De vergaderingen van de RvB worden geleid door de voorzitter van de RvB of bij diens afwezigheid door de vice-vooritter.

13.3 Een lid van de RvB kan zich in vergaderingen door een ander lid van de RvB bij volmacht doen vertegenwoordigen. Van het bestaan van een dergelijke volmacht moet aan de voorzitter van de RvB, of in zijn afwezigheid de ter vergadering aanwezige leden van de RvB, genoegzaam zijn gebleken.

13.4 Andere personen dan de leden van de RvB en de secretaris van de Vennootschap of diens plaatsvervanger kunnen door de RvB worden uitgenodigd om (een gedeelte van) de vergadering bij te wonen.

13.5 Van het verhandelde in een vergadering van de RvB wordt een verslag opgemaakt door de secretaris van de Vennootschap of een andere daartoe door de voorzitter van de vergadering aangewezen persoon. Het verslag bevat een samenvatting en verschaft inzicht in de besluitvorming ter vergadering. Het verslag wordt vastgesteld door de RvB in de eerstvolgende vergadering.

14. Besluitvorming binnen de RvB

14.1 De leden van de RvB bevorderen zoveel mogelijk dat besluiten bij unanimiteit worden genomen.

14.2 Ieder lid van de RvB heeft één stem.

14.3 Indien unanimiteit niet haalbaar blijkt en de wet, de statuten van de Vennootschap of dit Reglement geen grotere meerderheid voorschrijven, worden besluiten van de RvB genomen bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Indien de stemmen staken is de stem van de voorzitter van de RvB doorslaggevend. De RvB kan slechts besluiten nemen indien een meerderheid van de in functie zijn de leden van de RvB aanwezig of vertegenwoordigd is.

14.4 Besluiten van de RvB worden in beginsel genomen in een vergadering van de RvB.

14.5 De navolgende besluiten van de RvB zijn onderworpen aan de goedkeuring van de RvC:

a. het vaststellen van de operationele en financiële doelstellingen van de Vennootschap;

b. het vaststellen en wijzigen van de ondernemingsstrategie om de doelstellingen te bereiken;

c. het vaststellen en wijzigen van de randvoorwaarden die bij de strategie worden gehanteerd (bijvoorbeeld ten aanzien van de financiële ratio's); en

d. de besluiten genoemd in Bijlage 4.

14.6 De RvB neemt geen besluiten op een gebied waarvoor een bepaald lid van de RvB in het bijzonder verantwoordelijk is zonder kennis te hebben genomen van het standpunt van dat betreffende lid van de RvB.

14.7 Besluiten van de RvB kunnen ook schriftelijk worden genomen, mits het desbetreffende voorstel aan alle in functie zijnde leden van de RvB is voorgelegd en geen van hen zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Schriftelijke besluitvorming geschiedt door middel van schriftelijke verklaringen van alle leden van de RvB. Een verklaring van een lid van de RvB dat zich terzake van een schriftelijk te nemen besluit wil onthouden van stemming, dient in te houden dat hij zich niet tegen deze wijze van besluitvorming verzet.

14.8 De RvB mag afwijken van de bepalingen van de artikelen 14.3 (laatste zin), 14.4, 14.6 en 14.7 indien de voorzitter van de RvB dit noodzakelijk acht gezien het dringende karakter of andere omstandigheden van de zaak, mits alle leden van de RvB in staat worden gesteld deel te nemen aan de besluitvorming. De voorzitter van de RvB en de secretaris van de Vennootschap stellen een verslag op van aldus genomen besluiten, dat bij de stukken voor de volgende vergadering van de RvB wordt toegevoegd.

14.9 Van een door de RvB genomen besluit kan extern worden blijk gegeven door een verklaring van de voorzitter van de RvB of de secretaris van de Vennootschap.

Hoofdstuk 4
Overige bepalingen

15. Tegenstrijdige belangen leden RvB

15.1 Een lid van de RvB zal:

(a) niet in concurrentie met de Vennootschap treden;

(b) geen (substantiële) schenkingen van de Vennootschap voor zichzelf, voor zijn echtgenote, geregistreerde partner of een andere levensgezel, pleegkind of bloed- of aanverwant tot in de tweede graad vorderen of aannemen;

(c) ten laste van de Vennootschap derden geen ongerechtvaardigde voordelen verschaffen; en

(d) geen zakelijke kansen die aan de Vennootschap toekomen voor zichzelf of voor zijn echtgenote, geregistreerde partner of een andere levensgezel, pleegkind of bloed- of aanverwant tot in de tweede graad benutten.

15.2 Een lid van de RvB meldt een (potentieel) tegenstrijdig belang dat van materiële betekenis is voor de Vennootschap en/of voor het betrokken lid terstond aan de voorzitter van de RvB en via hem aan de voorzitter van de RvC - of direct aan de voorzitter van de RvC indien de voorzitter van de RvB de melding doet - en de overige leden van de RvB en verschaft daarover alle relevante informatie, inclusief de relevante informatie inzake zijn echtgenote, geregistreerde partner of een andere levensgezel, pleegkind en bloed- en aanverwanten tot in de tweede graad. De RvC besluit buiten aanwezigheid van het betrokken lid van de RvB, of sprake is van een tegenstrijdig belang. 

15.3 Een tegenstrijdig belang bestaat in elk geval wanneer de Vennootschap voornemens is een transactie aan te gaan met een rechtspersoon: (i) waarin een lid van de RvB persoonlijk een materieel financieel belang houdt; (ii) waarvan een bestuurslid een familierechtelijke verhouding heeft met een lid van de RvB; of (iii) waarbij een lid van de RvB een bestuurs- of toezichthoudende functie vervult. 

15.4 Een lid van de RvB neemt niet deel aan de discussie en de besluitvorming over een onderwerp of transactie waarbij hij een tegenstrijdig belang heeft met de Vennootschap. 

15.5 1Alle transacties waarbij tegenstrijdige belangen van leden van de RvB spelen worden overeengekomen onder voorwaarden die gebruikelijk zijn voor marktconforme transacties in de branche waarin de Vennootschap en haar dochtermaatschappijen actief zijn. Beslissingen om transacties aan te gaan waarbij tegenstrijdige belangen van dergelijke personen spelen die van materiële betekenis zijn voor de Vennootschap en/of de betrokken leden van de RvB behoeven de goedkeuring van de RvC. 

15.6 In de gevallen waarin de Vennootschap een tegenstrijdig belang heeft met één of meer leden van de RvB wordt de Vennootschap vertegenwoordigd door de persoon of personen die de RvC daartoe aanwijst, tenzij de AvA één of meer andere personen daartoe heeft aangewezen.

16. Bezoldiging leden RvB

16.1 De bezoldiging en contractuele arbeidsvoorwaarden van de leden van de RvB worden vastgesteld door de RvC overeenkomstig artikel 18 van de statuten van de Vennootschap en artikel 12 van het Reglement van de RvC, een en ander binnen het door de AvA vastgestelde bezoldigingsbeleid.

16.2 Leden van de RvB genieten geen voordeel uit activiteiten van de Vennootschap behoudens door middel van bezoldiging als lid van de RvB of via aandelen in de Vennootschap die als lange termijn belegging worden aangehouden. 

16.3 De Vennootschap en haar dochtermaatschappijen verstrekken geen persoonlijke leningen, garanties en dergelijke aan leden van de RvB, tenzij in de normale uitoefening van het bedrijf en tegen de daarvoor voor het gehele personeel geldende voorwaarden en na goedkeuring van de RvC. Leningen worden niet kwijtgescholden. 

16.4 Naast de bezoldiging worden alle redelijke kosten van leden van de RvB vergoed die zijn gemaakt met toestemming van de voorzitter van de RvB of, voor wat betreft de voorzitter van de RvB, met toestemming van de voorzitter van de RvC.

17. Nevenfuncties

17.1 Een lid van de RvB mag niet in de raad van commissarissen van meer dan twee beursgenoteerde ondernemingen zitting nemen. Een lid van de RvB mag niet tevens voorzitter zijn van de raad van commissarissen van een beursgenoteerde onderneming. Lidmaatschap van een raad van commissarissen van groepsmaatschappijen van de Vennootschap wordt hierbij niet meegeteld. 

17.2 De aanvaarding door een lid van de RvB van het lidmaatschap van de raad van commissarissen van een beursgenoteerde vennootschap behoeft de goedkeuring van de RvC. Andere belangrijke nevenfuncties worden gemeld aan de RvC. 

17.3 Leden van de RvB aanvaarden niet zonder de voorafgaande toestemming van de voorzitter van de RvB (die terzake overleg voert met de voorzitter van de RvC) of, indien het de voorzitter van de RvB betreft, zonder de voorafgaande toestemming van de voorzitter van de RvC:

(a) een andere betaalde functie, inclusief van adviserende of toezichthoudende aard; of

(b) enige onbetaalde functie.

18. Bezit van en transacties in effecten

18.1 Het aandelenbezit in de Vennootschap van een lid van de RvB is ter belegging op de lange termijn. 

18.2 De leden van de RvB zijn gebonden aan het DSM-Reglement Voorwetenschap van de Vennootschap ten aanzien van effecten in de Vennootschap en andere in dat reglement bedoelde effecten.

18.3 Ieder bezit van en transacties in effecten door leden van de RvB dient te allen tijde te voldoen aan Nederlandse en buitenlandse wet- en regelgeving.

18.4 Een lid van de RvB meldt éénmaal per kwartaal alle veranderingen in zijn bezit aan effecten die betrekking hebben op Nederlandse beursgenoteerde vennootschappen gedurende het kwartaal voorafgaand aan de melding bij de Corporate Compliance Officer (als vermeld in het DSM Reglement Voorwetenschap). Indien hij daarentegen gedurende dit kwartaal uitsluitend heeft belegd in beursgenoteerde beleggingsfondsen of het vrije beheer van zijn effectenportefeuille door middel van een schriftelijke overeenkomst van lastgeving heeft overgedragen aan een onafhankelijke derde behoeft een dergelijke melding niet te worden gedaan. In dat geval moet worden gesteld dat deze situatie het gehele afgelopen kwartaal zonder onderbreking heeft voortgeduurd. Indien deze uitzondering is gebaseerd op een overeenkomst van lastgeving met een onafhankelijke derde dan moet de naam en het kantooradres van deze derde worden gemeld en moet een een kopie van de overeenkomst worden overlegd. De informatie verstrekt aan de Corporate Compliance Officer onder dit artikel 18.4 zal onderdeel uitmaken van het register waar in het DSM Reglement Voorwetenschap naar wordt verwezen. De Corporate Compliance Officer rapporteert jaarlijks aan de voorzitter van de RvB en de voorzitter van de RvC.

19. Vertrouwelijkheid

19.1 Ieder lid van de RvB verbindt zich zowel tijdens zijn lidmaatschap van de RvB als ook daarna op geen enkele wijze aan wie dan ook enige mededeling te doen van gegevens van vertrouwelijke aard betreffende de onderneming van de Vennootschap en/of vennootschappen waarin zij belanghebbende is, die het lid van de RvB ter kennis is gekomen in het kader van de uitoefening van zijn werkzaamheden voor de Vennootschap en waarvan hij weet of dient te weten dat deze vertrouwelijk is, tenzij hij zulks bij wet verplicht is. Het is een lid van de RvB wel toegestaan mededeling te doen van gegevens als hierboven bedoeld aan leden van de RvB, de RvC, alsmede stafleden van de Vennootschap en vennootschappen waarin de Vennootschap belanghebbende is, die gezien hun werkzaamheden voor de Vennootschap en vennootschappen waarin de Vennootschap belanghebbende is, van de betreffende informatie op de hoogte dienen te worden gebracht. Een lid van de RvB mag de hierboven omschreven informatie op geen enkele wijze voor eigen nut aanwenden.

20. Diversen

20.1 Aanvaarding door leden van de RvB. Ieder die tot lid van de RvB wordt benoemd verklaart bij aanvaarding van de functie schriftelijk aan de Vennootschap dat hij de inhoud van dit Reglement aanvaardt en daarmee instemt, en verbindt zich jegens de Vennootschap de bepalingen van dit Reglement te zullen naleven.

20.2 Incidentele niet-naleving. De RvB kan incidenteel besluiten dit Reglement niet na te leven, met inachtneming van toepasselijke wet- en regelgeving, maar alleen met goedkeuring van de RvC. Elke afwijking van het Reglement zal worden vermeld in het jaarverslag.

20.3 Wijziging. Dit Reglement kan van tijd tot tijd en zonder voorafgaande kennisgeving (behoudens kennisgeving op de website van de Vennootschap) door de RvB worden gewijzigd, maar alleen met de voorafgaande goedkeuring van de RvC.

20.4 Interpretatie. In geval van onduidelijkheid of verschil van mening over de betekenis van enige bepaling uit dit Reglement is het oordeel van de voorzitter van de RvC daaromtrent beslissend.

20.5 Toepasselijk recht en jurisdictie. Dit Reglement wordt beheerst door Nederlands recht. De Nederlandse rechter is exclusief bevoegd om geschillen als gevolg van of in verband met dit Reglement (inclusief geschillen omtrent het bestaan, de geldigheid of de beëindiging van dit Reglement) te beslechten.

20.6 Complementariteit met Nederlands recht en de statuten. Dit Reglement is een aanvulling op de bepalingen ter zake van de RvB zoals neergelegd in het Nederlands recht, overige toepasselijke Nederlandse of EU regelgeving en de statuten van de Vennootschap. Waar dit Reglement niet in overeenstemming is met Nederlands recht, overige toepasselijke Nederlandse of EU regelgeving of de statuten van de Vennootschap, prevaleren die laatste. Waar dit Reglement in overeenstemming is met de statuten van de Vennootschap maar niet in overeenstemming met Nederlands recht of overige toepasselijke Nederlandse of EU regelgeving, prevaleren die laatste.

20.7 Partiële nietigheid. Indien een of meer bepalingen van dit Reglement ongeldig zijn of worden, tast dit de geldigheid van de overblijvende bepalingen niet aan. De RvB mag, onder voorafgaande goedkeuring door de RvC, de ongeldige bepalingen vervangen door geldige bepalingen waarvan de gevolgen, gegeven inhoud en doel van dit Reglement, zoveel mogelijk overeenkomen met de ongeldige bepalingen.

* * * * *

Bijlage 1

Begrippenlijst

1. In de Reglementen van de RvB en de RvC hebben de navolgende begrippen de daarachter vermelde betekenissen:

auditcommissie betekent de als zodanig in artikel 5 van het Reglement van de RvC aangeduide Commissie.

AvA betekent de algemene vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap.

benoemings- en remuneratiecommissie betekent de als zodanig in artikel 5 van het Reglement van de RvC aangeduide Commissie.

Commissie betekent, ten aanzien van de RvC, elke commissie van de RvC als bedoeld in artikel 5 van het Reglement van de RvC.

dochtermaatschappij heeft de betekenis die aan dit begrip is toegekend in artikel 2:24a van het Burgerlijk Wetboek.

externe accountant betekent het accountantskantoor dat overeenkomstig artikel 2:393 van het Burgerlijk Wetboek is belast met het onderzoek van de jaarrekening van de Vennootschap.

gelieerde vennootschap heeft de betekenis die aan dit begrip is toegekend in artikel 1 van de Wet melding zeggenschap in ter beurze genoteerde vennootschappen 1996.

groepsmaatschappij heeft de betekenis die aan dit begrip is toegekend in artikel 2:24b van het Burgerlijk Wetboek.

jaarrekening betekent de jaarrekening van de Vennootschap als bedoeld in artikel 2:101 van het Burgerlijk Wetboek.

jaarverslag betekent het door de RvB opgestelde jaarverslag van de Vennootschap als bedoeld in artikel 2:101 van het Burgerlijk Wetboek.

Profielschets RvC betekent de profielschets voor de omvang en samenstelling van de RvC, als zodanig aangeduid in artikel 1.1 van het Reglement van de RvC.

Reglement betekent ofwel het Reglement van de RvB ofwel het Reglement van de RvC, afhankelijk van de context, inclusief de daarbij behorende bijlagen.

Remuneratierapport betekent het remuneratierapport van de RvC betreffende het remuneratiebeleid van de Vennootschap zoals opgesteld door de benoemings- en remuneratiecommissie van de RvC.

RvB betekent de raad van bestuur van de Vennootschap.

RvC betekent de raad van commissarissen van de Vennootschap.

schriftelijk betekent bij brief, telefax of e-mail, of bij boodschap die via een ander gangbaar communicatiemiddel wordt overgebracht en op schrift kan worden ontvangen.

Vennootschap betekent Koninklijke DSM N.V. alsmede, waar passend, de dochtermaatschappijen en eventuele andere groepsmaatschappijen van de Vennootschap waarvan de financiële gegevens zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van de Vennootschap.

2. Behoudens voor zover uit de context anders voortvloeit, geldt in de Reglementen van de RvB en de RvC:

(a) begrippen en uitdrukkingen waar aangegeven in enkelvoud hebben tevens betrekking op het meervoud en omgekeerd;

(b) woorden en begrippen waar aangegeven in de mannelijke vorm hebben tevens betrekking op de vrouwelijke vorm; en

(c) een verwijzing naar een wetsbepaling geldt als verwijzing naar zodanige wetsbepaling met inachtneming van alle wijzigingen, uitbreidingen en vervangende regelgeving daarvan die van tijd tot tijd zullen gelden.

3. Kopjes van artikelen en andere kopjes in de Reglementen van de RvB en de RvC zijn slechts opgenomen ten behoeve van de overzichtelijkheid en vormen geen onderdeel van het desbetreffende Reglement voor interpretatiedoeleinden.

Bijlage 2

Lijst van informatie op te nemen in het jaarverslag.

II.1.2 CG Code De hoofdzaken van: (i) de operationele en financiële doelstellingen van de Vennootschap; (ii) de strategie die moet leiden tot het realiseren van de doelstellingen; en (iii) de randvoorwaarden die bij de strategie worden gehanteerd.

II.1.4 CG Code Een verklaring van de RvB dat de interne risico beheersing- en controlesystemen adequaat en effectief zijn en een verslag omtrent de werking van het interne risicobeheersings- en controlesysteem in het verslagjaar.

II.1.5 CG Code Een verslag over de gevoeligheid van de resultaten van de Vennootschap ten aanzien van externe omstandigheden en variabelen.

II.3.4 CG Code Publicatie van alle transacties waarbij tegenstrijdige belangen bij leden van de RvB spelen die van materiële betekenis zijn voor de Vennootschap en/of de betrokken leden van de RvB.

III.6.3 CG Code Publicatie van alle transacties waarbij tegenstrijdige belangen bij leden van de RvC spelen, die van materiële betekenis zijn voor de Vennootschap en/of de betrokken leden van de RvC.

III.6.4 CG Code Publicatie van alle transacties tussen de Vennootschap en een natuurlijke of rechtspersoon die ten minste 10% van de aandelen in de Vennootschap houdt.

IV.3.9 CG Code Een overzicht van alle uitstaande of potentieel inzetbare beschermingsmaatregelen en een indicatie van de omstandigheden waaronder deze naar verwachting kunnen worden ingezet.

I.1 CG Code In een apart hoofdstuk: de hoofdlijnen van de corporate governance structuur van de Vennootschap, mede aan de hand van de principes die in de Nederlandse Corporate Governance Code zijn genoemd, waarbij uitdrukkelijk dient te worden aangegeven in hoeverre de best practice bepalingen in de Nederlandse Corporate Governance Code worden opgevolgd en, zo niet, waarom en in hoeverre de Vennootschap daarvan afwijkt. Na de eerste uitgebreide beschrijving in het jaarverslag behoeft vermelding in toekomstige jaarverslagen slechts plaats te vinden indien wijzigingen in de opvolging van de Nederlandse Corporate Governance Code heeft plaats gevonden.

Een verwijzing naar de besluiten van de RvB uit hoofde van de artikelen 20.2 en 20.3 van het Reglement van de RvB, voor zover van materiële betekenis.

Toelichting op de jaarrekening

II.2 (2e Principe)

CG Code De door de wet voorgeschreven informatie over de hoogte en de structuur van de bezoldiging van de individuele leden van de RvB.

II.2.14 CG Code In aanvulling op de informatie die uit hoofde van artikel 2:383d BW dient te worden opgenomen, een verklaring over de aan leden van de RvB en het personeel toegekende opties en een indicatie hoe deze waarde is bepaald.

III.7 CG Code De door de wet voorgeschreven informatie over de hoogte en de structuur van de bezoldiging van de individuele leden van de RvC.

Bijlage 3
Lijst van op de website ven de vennootschap te plaatsen informatie

II.1.3 CG Code Gedragscode (DSM Values). 

III.1.6 CG Code Klokkenluidersregeling.

II.2.13 CG Code Het Remuneratierapport van de RvC. 

III.1.1 CG Code Reglement van de RvC. 

III.3.1 CG Code De Profielschets RvC. 

III.3.6 CG Code Rooster van aftreden van de RvC. 

III.5.1 CG Code De reglementen en de samenstelling van de Commissies. 

IV.3.1 CG Code Aankondigingen voorafgaand aan besprekingen en presentaties aan analisten, presentaties aan (institutionele) beleggers en persconferenties. 

IV.3.6 CG Code Informatie die krachtens de bepalingen van vennootschapsrecht en effectenrecht of regelgeving dient te worden gepubliceerd; zulke informatie dient gepubliceerd te worden op een afzonderlijk gedeelte van de website van de Vennootschap, dat wil zeggen: gescheiden van de commerciële informatie van de Vennootschap.

IV.3.7 CG Code Aandeelhouderscirculaires opgesteld door de Vennootschap. 

Het Reglement van de RvB. 

Belangrijkste elementen uit het contract met een lid van de RvB, onverwijld na het afsluiten daarvan. 

Besluiten van de AvA en (concept)verslagen van AvA's.

Het DSM-Reglement Voorwetenschap van de Vennootschap.

BIJLAGE 4

LIJST VAN GOEDKEURINGEN VAN DE RVC

Aan de goedkeuring van de RvC zijn onderworpen:

(a) de toewijzing van taken van de RvB aan individuele leden van de RvB;

(b) alle transacties tussen de Vennootschap en natuurlijke of rechtspersonen die ten minste 10% van de aandelen in de Vennootschap houden die van materiële betekenis zijn voor de Vennootschap en/of dergelijke personen; 

(c) een besluit tot goedkeuring van de operationele en financiële doelstellingen van de Vennootschap, de strategie die is opgesteld om deze doelstellingen te realiseren en de randvoorwaarden die worden toegepast met betrekking tot de strategie; 

(d) alle transacties waarbij tegenstrijdige belangen van leden van de RvB spelen en die van materieel belang zijn voor de Vennootschap en/of de betrokken leden van de RvB; 

(e) alle transacties waarbij tegenstrijdige belangen bij leden van de RvC spelen en die van materieel belang zijn voor de Vennootschap en/of de betreffende leden van de RvC; 

(f) benoeming en ontslag van de secretaris van de Vennootschap; 

(g) alle transacties door de Vennootschap of een gelieerde maatschappij betreffende overnames, afstoting of joint ventures met een geïnvesteerd kapitaal (inclusief goodwill) van e 30 miljoen of meer;

(h) het jaarlijkse Capital budget (met halfjaarlijkse herziening). Investeringsprojecten, investeringen en desinvesteringen die niet binnen het Capital budget vallen, indien daarmee een bedrag van meer dan e 30 miljoen is gemoeid;

(i) ontslagen bij gelieerde maatschappijen van 100 personen of meer, binnen een periode van 3 maanden;

(j) de jaarlijkse review van de ondernemingsstrategie;

(k) het jaarlijkse financieringsplan (met halfjaarlijkse herziening);

(l) het afgegeven van garanties voor niet geconsolideerde ondernemingen voor een bedrag hoger dan e 30 miljoen;

(m) alle andere handelingen die de goedkeuring behoeven ingevolge de wet, de statuten van de Vennootschap, het Reglement van de RvB, het reglement van de RvC, de Nederlandse Corporate Governance Code of enige andere toepasselijke wetgeving.

footer for print stylesheet