Figuur 3: Structuur van de Corporate Policies, Requirements en Directives
Hieronder wordt beschreven hoe de acht COSO-ERM componenten door DSM worden ingevuld.
Internal Environment
De DSM Values (die in 2010 worden vervangen door de DSM Code of Business Conduct) en de communicatie over risicomanagement zoals beschreven in de vorige paragraaf bepalen voor een belangrijk deel de interne omgeving voor risicomanagement. De Unit Risk Management Requirements schrijven daarenboven voor dat elk bedrijfsonderdeel:
- moet beschikken over een risicomanagementsysteem waarvan de verschillende onderdelen via een portal toegankelijk zijn;
- moet beschikken over een risicomanagementorganisatie inclusief een audit-commissie onder voorzitterschap van de directeur van het bedrijfsonderdeel;
- een jaarplan voor risicomanagement moet opstellen en moet toezien op de implementatie daarvan;
- een risicomanagementproces moet implementeren zoals beschreven in de Corporate Requirements en hieronder toegelicht. Volgens de Corporate Requirements moeten Corporate Policies worden vertaald in beleidslijnen voor de bedrijfsonderdelen, waarbij het management het voortouw moet nemen en het voorbeeld moet geven. Het management moet de medewerkers vervolgens aanspreken op naleving van de Requirements. Op deze manier dringt de “toon” die aan de top wordt gezet geleidelijk door naar alle lagen van de onderneming.
Objective Setting
De Strategy Requirements schrijven voor dat ieder bedrijfsonderdeel regelmatig een Business Strategy Dialogue (BSD) moet uitvoeren. De uitkomst van dit strategische proces wordt vertaald in heldere doelen, zowel op het gebied van financiën als op andere functionele en zakelijke gebieden. Indien van toepassing worden risicoprofielen van alternatieve scenario’s geanalyseerd voordat definitieve keuzes worden gemaakt. De resultaten en vooruitzichten van de strategie van elk bedijfsonderdeel en de daarmee samenhangende risico’s en reacties worden jaarlijks in een Annual Strategic Review herzien.
Event identification, risks assessment en risk response
Als onderdeel van een BSD moet een zogenaamde Business Risk Assessment (BRA) worden uitgevoerd om de belangrijkste risico’s die inherent zijn aan de gekozen strategie te bepalen. Voor interne processen worden ten minste eens in de vijf jaar Process Risk Assessments (PRA’s) uitgevoerd. De bedrijfsonderdelen bepalen de reacties voor de belangrijkste risico’s die in de BRA en PRA geïdentificeerd zijn en managen de opvolging daarvan. De risico’s worden twee keer per jaar geactualiseerd. Als onderdeel van de BRA moet worden nagegaan voor welke majeure verstoringen van de bedrijfsvoering Business Continuity Plans moeten worden opgesteld.
Control activities
Het risicomanagementsysteem van DSM voorziet op twee manieren in het identificeren, schatten en vaststellen van reacties en beheersmaatregelen: via de BRA’s en PRA’s zoals hierboven beschreven en via het identificeren van algemeen toepasbare beheersmaatregelen voor veelvuldig voorkomende risico’s. In ondernemingen als DSM is een groot deel van de identificeerbare risico’s direct in verband te brengen met het karakter van de bedrijfsvoering. Daarom heeft DSM ervoor gekozen deze veelvuldig voorkomende risico’s op te sporen en in te schatten en er algemeen toepasbare beheersmaatregelen voor te ontwerpen. Deze verplichte algemene beheersmaatregelen zijn onderdeel van de Corporate Requirements en betreffen alle functionele gebieden. Op het gebied van de primaire goederenstroom met de daarbij behorende financiële controleprocessen, en in enkele ondersteunende processen, wordt het uitvoeren van de beheersmaatregelen ondersteund door standaard ICT-oplossingen. In die gevallen worden de beheersmaatregelen “ingebouwd” in standaard bedrijfsprocessen en ziet het centrale autorisatiemanagement erop toe dat de vereiste scheiding van verantwoordelijkheden voldoende wordt toegepast. Door dit concept van algemeen toepasbare beheersmaatregelen voor veelvuldig voorkomende risico’s wordt bereikt dat een groot aantal veel voorkomende risico’s op een efficiënte manier wordt beheerst of gereduceerd. In hun BRA’s en PRA’s kunnen de bedrijfsonderdelen zich concentreren op de risico’s en reacties die specifiek voor hen van belang zijn.
Information and communication
De Corporate Policies en Requirements en de implementatie daarvan in de bedrijfsonderdelen zijn onderwerp van (verplichte) training. Er wordt speciale aandacht gegeven aan de communicatie over risico’s, bijvoorbeeld bij overdracht van taken in de hogere functies.
Om de bedrijfsonderdelen te helpen bij het implementeren van het risicomanagementsysteem en het integreren daarvan in de dagelijkse bedrijfsprocessen is het Besturingskader voor bedrijfsonderdelen (figuur 2) beschikbaar gemaakt als portal op het DSM Intranet. Alle relevante beleidsdocumenten, requirements, practices en standaard bedrijfsprocessen zijn te vinden onder de verschillende knoppen. De bedrijfsonderdelen hebben de portal gekopieerd voor eigen gebruik en er bedrijfsprocessen, beleidsdocumenten, requirements en practices aan toegevoegd die specifiek zijn voor het betreffende onderdeel. Verder hebben ze links gemaakt naar gearchiveerde documenten, zoals standaard bedrijfsvoorschriften.
Monitoring, reporting, inbedding en continue verbetering
De effectiviteit van beheersmaatregelen wordt op verschillende manieren in de gaten gehouden en gerapporteerd: door het monitoren van controls in standaard bedrijfsprocessen, door het monitoren van naleving van de Corporate Requirements en door periodieke rapportages over risico’s en beheersmaatregelen. Daarnaast zijn er verschillende incident-rapportages. Verder zijn er speciale tools beschikbaar om het monitoren van de werkzaamheid van controles in de standaard bedrijfsprocessen te ondersteunen.
Eén van de specifieke doelstellingen van het risicomanagementsysteem is het kunnen verschaffen van een redelijke mate van zekerheid dat de financiële rapportage geen materiële onjuistheden bevat en het kunnen bevestigen van het juist functioneren van het interne controlesysteem. Daarom bestaan er binnen DSM op financieel gebied gedetailleerde voorschriften ten aanzien van boekhouding en verslaglegging, met bijlagen waarin onder meer wordt aangegeven volgens welk tijdschema en in welk format de verslaglegging dient plaats te vinden, zoals de DSM Chart of Accounts, de in overeenstemming met IFRS opgestelde DSM Accounting Rules en het format voor een driemaandelijkse verklaring, te ondertekenen door de Financieel Directeur van elk bedrijfsonderdeel.
Om risicomanagement in te bedden in de reguliere businessprocessen, zijn gedrags-gebaseerde practices ter beschikking gesteld om risicomanagement duurzaam te helpen maken zonder dat het een zaak wordt van “checklist afkruisen”. De practices omvatten onder meer workshops over “Learning from Non-conformities and Deviations” en “Principle Based Compliance”.
Het systeem wordt regelmatig verbeterd op basis van terugkoppeling vanuit de bedrijfsonderdelen over het functioneren van de Corporate Requirements en andere elementen van het risicomanagementsysteem.